'Mindfulness, dat is toch lekker ontspannen?'
Wanneer je aan tien willekeurige mensen vraagt wat mindfulness precies is, zegt er altijd wel één: 'Dat is toch lekker ontspannen of niets doen?'. Ook wanneer je bij Google de term ‘mindfulness’ intypt en op afbeeldingen klikt, zie je verschillende foto’s van mensen in een serene omgeving, met hun ogen dicht, mediterend in een lotushouding. Hun handen hebben ze veelal in een speciale mudra (symbolisch handgebaar) en het lijkt vooral alsof ze onverstoorbaar niets aan het doen zijn. Niet zo gek dus dat mindfulness geregeld wordt voorgesteld als een veredelde vorm van ontspannen.
Een soortgelijk beeld heerste er ook bij een deelnemer uit de laatste mindfulness training die ik gaf. Na een week of twee van oefenen zei de deelnemer zichtbaar gefrustreerd: 'Pfff, als ik mediteer is er nog steeds onrust in mijn hoofd. Ik dacht dat ik het nu wel een keer onder de knie zou hebben!' Waarschijnlijk had de deelnemer soortgelijke plaatjes voorbij zien komen en verlangde net zo relaxt op een meditatiekussen te kunnen zitten. Dat zie je ook bij mensen die nog niet eerder met mindfulness in aanraking zijn gekomen. Zij denken vaak dat je alle nare gevoelens op magische wijze onderdrukt, zodat de geest rustig en vredig wordt.
Waar gaat mindfulness dan wel over? Laat ik allereerst vooropstellen dat er niets mis is met relaxatie. Ontspanning is prettig, lekker én ook nodig in onze drukke levens. Iedereen heeft er baat bij. Maar als mindfulness altijd ontspannend zou zijn, wat kunnen we er dan van leren? Misschien dat het leven vooral moet bestaan uit mooie en fijne momenten en dat we met mindere ervaringen geen genoegen moeten nemen. Wanneer we echter van ons meditatiekussen afstappen, merken we al snel dat het leven niet zo in elkaar steekt. Stress is namelijk onvermijdelijk! We komen dagelijks allerlei kleine en grote uitdagingen tegen: je huissleutels raken zoek, de telefoon glijdt vanuit je achterzak de toiletpot in, je komt ongemerkt in de langste rij voor de kassa van de supermarkt te staan, je wordt gedumpt door je grote liefde of krijgt vroeg of laat te maken met pijn, ziekte en verlies. Het leven gaat op zulke momenten niet zoals wij het graag zouden zien en laten we eerlijk zijn; de kalmte is dan ver te zoeken.
Waar mindfulness wel over gaat is opmerkzaamheid. Aandachtig kijken naar wat er op dit moment is, met een vriendelijke, open en niet-oordelende blik. We leggen onze ervaringen als het ware onder een vergrootglas en kijken ernaar. Dat betekent dat wanneer we bijvoorbeeld spanning of pijn ervaren, we de spanning of pijn observeren en wanneer we vreugde voelen, dan observeren we vreugde. Niet om situaties beter te maken of om ze te veranderen, want hoe meer je probeert nare gevoelens te onderdrukken, des te meer spanning en innerlijke strijd het oproept. We leren te zijn met wat er is. We trainen onze geest om gewaar te zijn van onze ervaringen op elk moment. Dat geldt dus ook voor de onprettige ervaringen. Want ook al zouden we het liever anders zien, ze horen nu eenmaal bij het leven. Vroeg of laat komen we er allemaal mee in aanraking.
Wanneer we mindfulness vertalen naar ons dagelijks leven en leren te zijn met wat er is, dan mogen we misschien ervaren dat de ontspanning zich als vanzelf aandient. Ook op momenten dat we kleine of grote uitdagingen tegenkomen. Zoals Swami Satchitananda ooit treffend zei: “Je kunt de golven niet tegenhouden, maar je kunt wel leren surfen.”